Download

Ninja

Gewasbeschermingsmiddel

Toelatingsnummer 14455
Startdatum 18-4-2014
Expiratiedatum 1-10-2019
Formulering Capsule suspensie
Aard werking Insecticide
Toelatingshouder Syngenta Crop Protection B.V.

Stof(fen)

CAS Nummer Naam Type Gehalte/Eenheid
91465-08-6 lambda-cyhalothrin Werkzame stof 100 G/L

Actuele gebruiksvoorschriften

Professioneel
Code Startdatum Einddatum Document
W4 23-11-2018 1-10-2019 Download

Voorgaande gebruiksvoorschriften

Professioneel
Code Opgebruiktermijn Aflevertermijn Document
W3 1-4-2019 1-4-2019 Download
W2 1-4-2019 1-4-2019 Download
W1 1-4-2019 1-4-2019 Download
- 1-4-2019 1-7-2018 Download

Toepassingen

1 - Aardpeer

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Wortel- en knolgewassen
      • Overige wortel- en knolgewassen
        • Aardpeer

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

2 - Aromatische kruidgewassen

DTG versie 2.1 24 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Kruidenteelt vers of gedroogd
    • Aromatische kruidgewassen
      • Basilicum
      • Bieslook
      • Bladselderij
      • Bonenkruid
      • Citroenmelisse
      • Dille
      • Dragon
      • Eetbare bloemen
      • Hysop
      • Kervel
      • Koriander
      • Maggiplant
      • Majoraan
      • Munt
      • Oregano
      • Overige aromatische tuinkruiden
      • Peterselie
      • Pimpernel
      • Rozemarijn
      • Salie
      • Tijm
      • Veldzuring
      • Venkel

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

3 - Aromatische wortelgewassen

DTG versie 2.1 6 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Kruidenteelt vers of gedroogd
    • Aromatische wortelgewassen
      • Bevernelwortel
      • Engelwortel
      • Maggi
      • Overige aromatische wortelgewassen
      • Wortelpeterselie

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

4 - Asperge

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling, Na oogst, Neerwaarts spuiten
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 89
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 14 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Stengelgroenten
      • Asperge

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Coleoptera (Kevers)
      • Chrysomelidae (Bladhaantjes)
        • Crioceris asparagi (Blauwe aspergekever) (Blauwe aspergekever)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

5 - Bieten

DTG versie 2.1 3 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Groeistadium 20 tot en met 89
Toepassingstijdstip Van april tot en met september
Aantal toepassingen per teeltcyclus 1
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,05 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is vastgesteld voor de genoemde dosering per toepassing en niet voor verlaagde doseringen.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Bieten
      • Suikerbiet
      • Voederbiet

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)

6 - Blauwmaanzaad, Blauwmaanzaad

DTG versie 2.1 2 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 19 tot en met 69
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 150 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 35 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Oliehoudende zaden
      • Blauwmaanzaad
  • Kruidenteelt vers of gedroogd
    • Kruidenzaadgewassen
      • Blauwmaanzaad

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

7 - Bleekselderij

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 14 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 21 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Stengelgroenten
      • Bleekselderij

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)

8 - Bloemisterijgewassen

DTG versie 2.1 33 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling, Neerwaarts spuiten
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 69
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 7 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 800 L/ha
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Sierteeltgewassen
    • Bloemisterijgewassen
      • Potplanten
        • Chrysant
        • Cyclaam
        • Ficus
        • Lepelplant
        • Orchidee
        • Overige Potplanten
        • Phalaenopsis
        • Roos
      • Snijbloemen
        • Alstroemeria
        • Anjer
        • Chrysant
        • Eustoma
        • Freesia
        • Lelie
        • Overige Snijbloemen
        • Pioenroos
        • Roos
        • Tulp
      • Snijgroen
        • Asparagus
        • Ilex
        • Maranta
        • Polystichum
        • Ruscus
      • Trekheesters
        • Chinees klokje
        • Ilex
        • Prunus
        • Sering
        • Skimmia

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

9 - Bloemkoolachtigen, Sluitkoolachtigen

DTG versie 2.1 6 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Groeistadium 20 tot en met 89
Toepassingstijdstip Van april tot en met september
Aantal toepassingen per teeltcyclus 5
Minimale interval tussen toepassingen 7 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,25 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 800 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is vastgesteld voor de genoemde dosering per toepassing en niet voor verlaagde doseringen.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Koolgewassen
      • Bloemkoolachtigen
        • Bloemkool
        • Broccoli
      • Sluitkoolachtigen
        • Sluitkool
        • Spruitkool

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)

10 - Boon zonder peul, Erwt met peul, Boon met peul

DTG versie 2.1 15 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 99
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 3 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Peulgroenten
      • Boon met peul
        • Kouseband
        • Pronkboon
        • Stamslaboon
        • Stamsnijboon
        • Stokslaboon
        • Stoksnijboon
      • Boon zonder peul
        • Flageolet
        • Limaboon
        • Tuinboon
      • Erwt met peul
        • Asperge-erwt
        • Peul
        • Suikererwt

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Coleoptera (Kevers)
      • Curculionidae (Snuitkevers)
        • Sitona lineatus (Bladrandkever)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)

11 - Bosuien

DTG versie 2.1 2 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 20 tot en met 50
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 14 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 14 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Ui-achtigen
      • Bosuien
        • Bosui

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

12 - Buxus

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 69
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 7 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 800 L/ha
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Sierteeltgewassen
    • Boomkwekerijgewassen
      • Sierheesters
        • Buxus

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Crambidae
        • Cossus cossus (Buxusmot)

13 - Chinese kool

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 1
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Koolgewassen
      • Bladkoolachtigen
        • Chinese kool

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

14 - Cichorei

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 10 tot en met 89
Toepassingstijdstip Van april tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 10 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 150 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Overige akkerbouwgewassen
      • Cichorei

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

15 - Consumptieaardappel, Zetmeelaardappel

DTG versie 2.1 2 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Groeistadium 20 tot en met 89
Toepassingstijdstip Van april tot en met september
Aantal toepassingen per teeltcyclus 3
Minimale interval tussen toepassingen 7 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,15 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is vastgesteld voor de genoemde dosering per toepassing en niet voor verlaagde doseringen.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Aardappelen
      • Consumptieaardappel
      • Zetmeelaardappel

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)

16 - Crambe

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 19 tot en met 69
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 150 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 35 dagen
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Oliehoudende zaden
      • Crambe

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

17 - Droog te oogsten erwten, Erwt zonder peul

DTG versie 2.1 13 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Groeistadium 20 tot en met 89
Toepassingstijdstip Van april tot en met september
Aantal toepassingen per teeltcyclus 2
Minimale interval tussen toepassingen 7 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is vastgesteld voor de genoemde dosering per toepassing en niet voor verlaagde doseringen.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Peulvruchten
      • Droog te oogsten erwten
        • Gele erwt
        • Grauwe erwt
        • Groene erwt
        • Kapucijner
        • Kikkererwt
        • Linze
        • Rozijnenerwt
        • Schokker
        • Suikererwt
  • Groenteteelt
    • Peulgroenten
      • Erwt zonder peul
        • Doperwt
        • Kapucijner

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Coleoptera (Kevers)
      • Curculionidae (Snuitkevers)
        • Sitona lineatus (Bladrandkever)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)

18 - Granen

DTG versie 2.1 14 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Groeistadium 20 tot en met 89
Toepassingstijdstip Van april tot en met september
Aantal toepassingen per teeltcyclus 1
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,05 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 28 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is vastgesteld voor de genoemde dosering per toepassing en niet voor verlaagde doseringen.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Granen
      • Overige granen
      • Wintergraan
        • Kanariezaad (kanariegras)
        • Spelt
        • Triticale
        • Wintergerst
        • Winterrogge
        • Wintertarwe
      • Zomergraan
        • Haver
        • Zomergerst
        • Zomerrogge
        • Zomertarwe

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)

19 - Japanse aardappel

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Wortel- en knolgewassen
      • Overige wortel- en knolgewassen
        • Japanse aardappel

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

20 - Knoflook

DTG versie 2.1 2 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 20 tot en met 50
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 14 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 21 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Ui-achtigen
      • Knoflook
        • Knoflook

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

21 - Knolraap

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Wortel- en knolgewassen
      • Overige wortel- en knolgewassen
        • Knolraap

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

22 - Knolselderij

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Wortel- en knolgewassen
      • Overige wortel- en knolgewassen
        • Knolselderij

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

23 - Knolvenkel

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 14 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Stengelgroenten
      • Knolvenkel

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)

24 - Koolraap

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Wortel- en knolgewassen
      • Overige wortel- en knolgewassen
        • Koolraap

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

25 - Koolzaad, Koolzaad

DTG versie 2.1 2 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 19 tot en met 69
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 150 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 35 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Groenbemesters
      • Kruisbloemige groenbemesters
        • Koolzaad
    • Oliehoudende zaden
      • Koolzaad

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Coleoptera (Kevers)
      • Curculionidae (Snuitkevers)
        • Ceutorhynchus assimilis (Koolzaadsnuitkever) (Koolzaadsnuitkever)
      • Nitidulidae (Glanskevers)
        • Meligethes aeneus (Koolzaadglanskever) (Koolzaadglanskever)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

26 - Medicinale wortelgewassen

DTG versie 2.1 5 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Kruidenteelt vers of gedroogd
    • Medicinale wortelgewassen
      • Ginseng
      • Overige medicinale wortelgewassen
      • Valeriaan
      • Zonnehoed

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

27 - Mierikswortel

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 11 tot en met 49
Toepassingstijdstip Van april tot en met oktober
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 200 tot 1000 L/ha
Veiligheidstermijn 7 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Groenteteelt
    • Wortel- en knolgewassen
      • Overige wortel- en knolgewassen
        • Mierikswortel

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Plutellidae (Mineervlinders)
      • Plutella xylostella (Koolmot)
    • Diptera (Tweevleugeligen)
      • Cecidomyiidae (Galmuggen)
        • Contarinia nasturtii (Koolgalmug) (Koolgalmug)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)
    • Lepidoptera (Vlinders)
      • Pieridae (Witjes)
        • Pieris brassicae (Groot koolwitje)
        • Pieris rapae (Klein koolwitje)
      • Tortricidae (Bladrollers)
        • Clepsis spectrana (Koolbladroller)

28 - Mosterd

DTG versie 2.1 1 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Kleine toepassing Ja
Groeistadium 19 tot en met 69
Toepassingstijdstip Van mei tot en met september
Aantal toepassingen per 12 maanden 2
Minimale interval tussen toepassingen 12 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,1 L/ha
Watervolumeschaal Van 150 tot 400 L/ha
Veiligheidstermijn 35 dagen
Opmerkingen Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Akkerbouwgewassen
    • Oliehoudende zaden
      • Mosterd

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)
        • Ovatus crataegarius (Kruizemuntluis)
        • Ovatus insitus (Wolfspootluis)
        • Pemphigus bursarius (Wollige slawortelluis)
        • Pemphigus phenax (Wollige peenluis)
        • Pemphigus passeki (Wollige karwijluis)
        • Pemphigus spyrothecae (Spiraalgalluis) (Spiraalgalluis)
        • Periphyllus californiensis (Japanse esdoornluis) (Japanse esdoornluis)
        • Periphyllus (Harige esdoornluis soorten)
        • Phloeomyzus passerinii (Schimmelluis) (Schimmelluis)
        • Phorodon humuli (Hopluis)
        • Phyllaphis fagi (Beukenbladluis)
        • Melanaphis pyraria (Zwarte perenluis)
        • Plocamaphis amerinae (Grijze wilgentakluis) (Grijze wilgentakluis)
        • Prociphilus fraxini (Essensparrenluis)
        • Neotrama caudata (Neotrama)
        • Chaitophorus capreae (Waterwilgbladluis)
        • Pterocomma pilosum (Grote wilgentakluis)
        • Pterocomma populeum (Populierentakluis)
        • Pterocomma salicis (Bonte wilgentakluis)
        • Rhopalomyzus lonicerae (Rietgrasluis) (Rietgrasluis)
        • Rhopalosiphum insertum (Appel-grasluis) (Appel-grasluis)
        • Rhopalosiphum maidis (Maisluis)
        • Rhopalosiphum melliferum
        • Rhopalosiphum nymphaeae (Waterlelieluis) (Waterlelieluis)
        • Rhopalosiphum padi (Vogelkersluis)
        • Rhopalosiphum rufiabdominale (Rijstwortelluis) (Grondluis, Kroontjesluis, Rijstwortelluis)
        • Rhopalosiphum
        • Rhopalosiphoninus latisiphon (Aardappelkelderluis) (Aardappelkelderluis)
        • Rhopalosiphoninus ribesinus (Bessentakluis) (Bessentakluis)
        • Dysaphis aucupariae (Roze elsbesluis)
        • Dysaphis sorbi (Roze lijsterbesluis)
        • Lachnus pallipes (Beukenkankerluis)
        • Schizolachnus pineti (Grijze naaldluis) (Grijze naaldluis)
        • Eriosoma lanuginosum (Perenbloedluis) (Perenbloedluis)
        • Eriosoma patchae (Iepenbloedluis)
        • Eriosoma ulmi (Bessenwortelluis)
        • Semiaphis dauci (Kleine peenluis)
        • Semiaphis heraclei
        • Smynthurodes betae (Bonenwortelluis)
        • Prociphilus pini (Dennenwortelluis)
        • Prociphilus xylostei (Kamperfoeliebloedluis) (Kamperfoeliebloedluis)
        • Thecabius affinis (Vouwbeursluis)
        • Cinara confinis (Zilverspartakluis)
        • Toxoptera aurantii
        • Schizaphis graminum
        • Trama troglodytes (Trama)
        • Tuberolachnus salignus (Dromedarisluis) (Dromedarisluis)
    • Thysanoptera (Tripsen)
      • Phlaeothripidae
        • Haplothrips aculeatus (Roggetrips)
        • Liothrips vaneeckei (Lelietrips)
      • Thripidae (Tripsen)
        • Chaetanaphothrips orchidii (Orchideetrips)
        • Dendrothrips ornatus (Ligustertrips)
        • Drepanothrips reuteri (Druiventrips)
        • Echinothrips americanus (Echinothrips americanus)
        • Frankliniella fusca (Amaryllistrips)
        • Frankliniella intonsa (Frankliniella intonsa)
        • Frankliniella occidentalis (Californische trips)
        • Frankliniella schultzei (Katoenknoppentrips)
        • Heliothrips haemorrhoidalis (Gewone kastrips)
        • Hercinothrips femoralis (Kastrips)
        • Kakothrips robustus (Erwtentrips)
        • Limothrips cerealium (Kleine graantrips)
        • Limothrips denticornis (Grote graantrips)
        • Parthenothrips dracaenae (Gestreepte kastrips)
        • Stenothrips graminum (Havertrips)
        • Taeniothrips inconsequens (Perentrips)
        • Thrips simplex (Gladiolentrips)
        • Thrips angusticeps (Vroege akkertrips)
        • Thrips fuscipennis (Rozentrips)
        • Thrips linarius (Vlastrips)
        • Thrips palmi (Thrips palmi)
        • Thrips setosus (Thrips setosus)
        • Thrips tabaci (Tabakstrips)

29 - Najaarsgeplante bloembollen en -knollen

DTG versie 2.1 11 gebieden
Gebruik Professioneel
Toepassingslocaties Onbedekt
Toepassingsmethoden Gewasbehandeling
Groeistadium 11 tot en met 69
Toepassingstijdstip Van april tot en met september
Aantal toepassingen per teeltcyclus 7
Minimale interval tussen toepassingen 7 dagen
Maximum middeldosis 0,05 L/ha
Maximum middeldosis per gewasseizoen 0,35 L/ha
Watervolumeschaal Van 150 tot 400 L/ha
Opmerkingen Geclaimd organisme: bladluis (virus). Dosering middel per toepassing: In combinatie met minerale olie. Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is vastgesteld voor de genoemde dosering per toepassing en niet voor verlaagde doseringen.
  • = Toepasbaar gebied

Toepassingsgebieden

  • Sierteeltgewassen
    • Bloembol- en bloemknolgewassen
      • Najaarsgeplante bloembollen en -knollen
        • Anemoon
        • Blauwe druifjes
        • Iris
        • Krokus
        • Narcis
        • Overige Najaarsgeplante bloembollen en -knollen
        • Sierui
        • Sneeuwroem
        • Sterhyacint
        • Tulp

Doelorganismen (versie 1.0)

  • Insecta (Insecten)
    • Hemiptera (Halfvleugeligen)
      • Aphididae (Bladluizen)
        • Staticobium limonii
        • Acyrthosiphon pisum (Erwtenbladluis)
        • Acyrthosiphon scariolae (Acyrthosiphon scariolae)
        • Amphorophora agathonica (Amphorophora agathonica)
        • Amphorophora idaei (Grote frambozenluis)
        • Wahlgreniella nervata (Amerikaanse rozenluis)
        • Amphorophora rubi (Grote bramenluis)
        • Anuraphis farfarae (Vouwgalluis)
        • Brachycaudus helichrysi (Groene kortstaartluis) (Groene kortstaartluis)
        • Brachycaudus persicae (Zwarte kortstaartluis) (Zwarte kortstaartluis)
        • Aphis grossulariae (Kruisbessenluis)
        • Aphis citricidus (Aphis citricidus)
        • Aphis craccivora (Zwarte wikkeluis)
        • Aphis cytisorum (Goudenregenluis)
        • Aphis euonymi (Bruine kardinaalsmutsluis)
        • Aphis fabae (Zwarte bonenluis)
        • Aphis frangulae (Wegedoornluis)
        • Aphis forbesi (Kleine aardbeiluis)
        • Aphis farinosa (Kleine wilgenluis)
        • Aphis gossypii (Katoenluis)
        • Aphis hederae (Zwarte klimopluis)
        • Aphis ilicis (Hulstluis)
        • Aphis idaei (Kleine frambozenluis)
        • Aphis maidiradicis (Aphis maidiradicis)
        • Aphis ruborum (Kleine bramenluis)
        • Aphis nasturtii (Vuilboomluis)
        • Aphis newtoni (Zwartbruine irisluis)
        • Aphis pomi (Groene appeltakluis)
        • Aphis rumicis (Ridderzuringluis)
        • Aphis sambuci (Vlierluis)
        • Aphis schneideri (Kleine bessenluis)
        • Aphis spiraecola
        • Aphis viburni (Zwarte sneeuwballuis)
        • Brachycaudus prunicola (Gevlekte kortstaartluis) (Gevlekte kortstaartluis)
        • Acyrthosiphon malvae rogersii (Rogers'luis)
        • Aulacorthum solani (Boterbloemluis)
        • Brachycaudus cardui (Distelkortstaartluis)
        • Brevicoryne brassicae (Melige koolluis) (Melige koolluis)
        • Cinara pectinatae (Groengestreepte takluis)
        • Tetraneura ulmi (Iep-grasluis)
        • Cavariella aegopodii (Zevenbladluis) (Zevenbladluis)
        • Cavariella capreae
        • Cavariella pastinacae (Groene pastinaakluis)
        • Cavariella theobaldi (Groene pastinaakluis) (Groene pastinaakluis)
        • Cerataphis orchidearum (Witgerande orchideeluis)
        • Chromaphis juglandicola (Gele okkernootbladluis) (Gele okkernootbladluis)
        • Chaetosiphon fragaefolii (Aardbeiknotshaarluis) (Aardbeiknotshaarluis)
        • Chaetosiphon jacobi
        • Chaetosiphon tetrarhodum
        • Chaetosiphon thomasi
        • Cinara pini (Lotluis)
        • Cinara (Dennentakluis soorten)
        • Cinara piceae (Fijnsparstamluis)
        • Callaphis juglandis (Bonte okkernootbladluis)
        • Coloradoa rufomaculata (Kleine chrysantenluis) (Kleine chrysantenluis)
        • Corylobium avellanae (Groene hazelaarbladluis) (Groene hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus ribis (Bloedblaarluis)
        • Cinara cupressi (Thujatakluis)
        • Cinara juniperi (Bonte takluis)
        • Uroleucon sonchi (Bruine slaluis)
        • Uroleucon tanaceti (Lakrode luis)
        • Delphiniobium junackianum (Ridderspoorbladluis) (Ridderspoorbladluis)
        • Drepanosiphum platanoidis (Grote esdoornluis) (Grote esdoornluis)
        • Dysaphis anthrisci (Fluitekruidluis)
        • Dysaphis crataegi (Meidoorn-peenluis)
        • Dysaphis devecta (Bloedvlekkenluis)
        • Dysaphis plantaginea (Roze appelluis) (Roze appelluis)
        • Dysaphis pyri (Roze perenluis)
        • Dysaphis tulipae (Grijze bollenluis)
        • Chaitophorus leucomelas (Gevlekte populierenluis) (Gevlekte populierenluis)
        • Eriosoma lanigerum (Appelbloedluis)
        • Eucallipterus tiliae (Bonte lindenbladluis) (Bonte lindenbladluis)
        • Euceraphis punctipennis (Berkenbladluis) (Berkenbladluis)
        • Eulachnus agilis (Smalle naaldluis)
        • Hyadaphis foeniculi (Grijze kamperfoelieluis)
        • Hyalopterus amygdali (Melige perzikluis) (Melige perzikluis)
        • Hyalopterus pruni (Melige pruimenluis)
        • Hyperomyzus lactucae (Groene melkdistelluis) (Groene melkdistelluis)
        • Idiopterus nephrelepidis (Zwarte varenluis)
        • Illinoia lambersi (Rhododendronluis)
        • Lachnus iliciphilus (Eikenkankerluis)
        • Elatobium abietium (Groene sparrenluis)
        • Lipaphis erysimi (Loodkleurige bladluis)
        • Longicaudus trirhodus (Roos-akeleiluis) (Roos-akeleiluis)
        • Macrosiphoniella sanborni (Bronzen chrysantenluis) (Bronzen chrysantenluis)
        • Macrosiphoniella tanacetaria (Boerenwormkruidluis)
        • Macrosiphoniella subterranea (Drievlekluis) (Drievlekluis)
        • Macrosiphum albifrons (Grote lupineluis) (Grote lupineluis)
        • Sitobion avenae (Grote graanluis)
        • Macrosiphum euphorbiae (Aardappeltopluis) (Aardappeltopluis)
        • Sitobion fragariae (Braam-grasluis)
        • Macrosiphum hellebori (Macrosiphum hellebori)
        • Macrosiphum rosae (Gewone rozenluis)
        • Maculolachnus submacula (Rozenwortelluis) (Rozenwortelluis)
        • Illinoia azaleae (Azalealuis)
        • Megoura viciae (Grote wikkeluis)
        • Metopolophium dirhodum (Roos-grasluis) (Roos-grasluis)
        • Metopolophium festucae (Raaigrasluis) (Raaigrasluis)
        • Rhodobium porosum (Gele rozenluis)
        • Mindarus abietinus (Penseelluis)
        • Moritziella corticalis (Eikenstamluis) (Eikenstamluis)
        • Myzocallis coryli (Gele hazelaarbladluis)
        • Cryptomyzus galeopsidis (Hennepnetelluis) (Hennepnetelluis)
        • Myzus ascalonicus (Sjalottenluis)
        • Myzus cerasi (Zwarte kersenluis)
        • Aulacorthum circumflexum (Gevlekte bladluis) (Gevlekte bladluis)
        • Myzus certus (Bruine violenluis)
        • Myzus nicotianae (Rode luis)
        • Myzus persicae (Groene perzikluis)
        • Myzus ornatus (Myzus ornatus)
        • Myzus varians (Sigarettengalluis)
        • Nasonovia ribisnigri (Groene slaluis) (Groene slaluis)
        • Nearctaphis bakeri (Klaverbloemluis)
        • Ceruraphis eriophori (Sneeuwbal-zeggeluis) (Sneeuwbal-zeggeluis)
        • Aphis violae (Zwartgroene violenluis)